NETWERKBIJEENKOMSTEN
Presentatie boek toeval gezocht kunst, kunstenaars en jonge kinderen
op woensdag 21 januari 2009
Openbare Bibliotheek Amsterdam
De eerste bijeenkomst van 2009 is gewijd aan de feestelijke boekpresentatie van ‘toeval gezocht kunst, kunstenaars en jonge kinderen’, Annemieke Huisingh, Rixt Hulshoff Pol en Ellie van den Bomen (red.), uitgegeven door Uitgeverij Lemniscaat. In aanwezigheid van bijna 200 mensen, onder wie de betrokken kunstenaars en deelnemende scholen, houdt wetenschapsjournalist Mark Mieras een voordracht over de hersenontwikkeling van jonge kinderen en creativiteit. Daarna reikt Hans Muiderman, voorzitter van toeval gezocht, de eerste exemplaren uit aan Judith van Kranendonk, directeur generaal Cultuur van het ministerie van OCW en Robbert Dijkgraaf, mathematisch fysicus en president van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. Hierna spreken zij over het belang van kunst en wetenschap als ontstekingsmechanismen voor de kracht van jonge kinderen.
ISBN 9 789047 701255
Uitgeverij Lemniscaat
Mark Mieras


Robbert Dijkgraaf, Judith van Kranendonk en Hans Muiderman
Foto's Rolf Resink
DOCUMENTEREN:
DE KUNST VAN HET REFLECTEREN
Conferentie voor kunstenaars
op donderdag 18 juni 2009
in het Centrum Beeldende Kunst Noord-Holland, Haarlem
Voor het eerste project toeval gezocht in 2007 toonden 200 kunstenaars uit Noord-Holland belangstelling. Daarom organiseert het Centrum Beeldende Kunst Noord-Holland samen met toeval gezocht nu, twee jaar later, een conferentie speciaal voor de kunstenaars uit dit gebied. De focus ligt op het documenteren. Welke rol speelt documenteren en reflecteren in de praktijk van een kunstenaar? En welke rol speelt dit in het werken met jonge kinderen?
Het is vijf september 2000. Dominique Panhuysen heeft achteloos, zonder nadenken, een bol rode wol in haar huiskamer achtergelaten, zoals je wel eens vaker iets ergens zomaar achterlaat. Als ze even later de ruimte opnieuw binnenkomt, betreedt ze een universum dat in niets meer lijkt op de haar zo bekende huiskamer, háár kamer van even daarvoor.
Kunstenaar Dominique Panhuysen opent de middag met een presentatie van haar project ‘Borisdingen 1993-2007’. In dit project heeft Dominique haar zoon Boris vanaf zijn geboorte als moeder én als kunstenaar/ fotograaf gevolgd tot het moment dat Boris in 2007 aangeeft dat hij niet meer gefotografeerd wil worden. Zij heeft vastgelegd hoe hij zijn wereld betekenis en vorm gaf en fotografeerde ‘resten’ van zijn spel.
In haar voordracht toont zij middels haar vele honderden foto’s haar opvatting als kunstenaar en fotograaf. In een poëtische lezing, rijk geïllustreerd door zorgvuldig uitgekozen fotoreeksen, maakt zij ons deelgenoot van het spel, het maak- en ontdekproces en de beelden van haar zoon Boris en vertelt zij tegelijkertijd over het fotograferen, de lichtinval, de verstilling en de nieuwe werkelijkheden die foto’s met zich mee kunnen brengen. Zie ook: www.dominiquepanhuysen.nl
Annemieke Huisingh en Eva Klee geven vervolgens een presentatie over de werkwijze van toeval gezocht en hoe zij de rol van de kunst en de kunstenaar hierin zien.
Zij beschrijven het jonge kind vanaf zijn geboorte vol potenties en mogelijkheden, als een competent wezen dat de tijd en de ruimte moet krijgen om te experimenteren, hypotheses te vormen, op onderzoek uit te gaan en nieuwe vindingen te doen. Kinderen zijn als het ware kunstenaars en wetenschappers in de dop. Net als een kunstenaar kan een kind makkelijk het ‘niet weten’ ingaan. Een kind is van nature nieuwsgierig en onbevangen, experimenteert, en accepteert het onverwachte als een kans op nieuwe mogelijkheden. Een kunstenaar zet deze kwaliteiten vaak als bewust gekozen strategie in. toeval gezocht onderzoekt de ‘kunstenaarskwaliteiten’ van jonge kinderen en zoekt naar manieren om hun creatieve vermogens te versterken.

Dominique Panhuysen Jeanine Aalfs
(Foto's Yoshine Davelaar)


Hamid El Kanbouhi Floor Max
Jeanine Aalfs, Hamid El Kanbouhi en Floor Max waren in 2007 als kunstenaar werkzaam binnen drie van de vijftien projecten van toeval gezocht. Floor Max werkte ook in het erop volgende schooljaar 2008/2009 als kunstenaar in één van de acht projecten van toeval gezocht . Zij probeerde samen met twee leerkrachten de toeval gezocht-werkwijze alledaagser te maken. De drie kunstenaars presenteren hun ervaringen in de ateliers in drie verschillende middagpresentaties, waarbij ze ieder aan de hand van fotomateriaal en teksten laten zien welke rol het documenteren voor hen heeft gespeeld.
Aan deze conferentie namen 40 kunstenaars deel.
Foto's Eva Klee
DE KUNST VAN HET REFLECTEREN
IN HET WERKEN MET JONGE KINDEREN
Documenteren als waardevolle manier om het werken met jonge kinderen te verdiepen
op dinsdag 8 september 2009
in Het Sieraad, Amsterdam
Op 8 september bezoeken 270 geïnteresseerden deze netwerkbijeenkomst die enerzijds inspiratie en theoretische verdieping biedt en aan de andere kant ruimte en mogelijkheden creëert voor uitwisseling en netwerk. De bezoekers van deze conferentie vormen een gemêleerd en inspirerend gezelschap uit het basisonderwijs, de kinderopvang, culturele en kunstinstellingen, zelfstandige ondersteuners van het onderwijs en de cultuureducatie, docenten van pabo’s en andere hogescholen of universiteiten en veel kunstenaars.
's Ochtends opent Eva Klee met een fotoserie waarin Alpha, een jongen van vier jaar, gedurende 45 min gevolgd is. Zij heeft zijn geconcentreerde werkproces vastgelegd en laat zien hoe zij dit heft geïnterpreteerd met de blik van de kunstenaar. Annemieke Huisingh heet vervolgens iedereen welkom, in het bijzonder de buitenlandse gasten. Zij verwoordt de doelstellingen van toeval gezocht, het onderzoek naar de potenties van jonge kinderen en de specifieke invalshoek die kunst en wetenschap hierin bieden. Het belang en de rol van het documenteren en interpreteren staat vandaag centraal.

Hierna volgen de voordrachten van twee bijzondere internationale experts: prof. dr. Gunilla Dahlberg uit Stockholm en Vea Vecchi uit Reggio Emilia.
Gunilla Dahlberg, hoogleraar aan het Educatie Instituut van de Universiteit van Stockholm en verantwoordelijk voor de wetenschappelijke taken van het Reggio Emilia Instituut in Zweden, spreekt over de kansen die pedagogische documentatie biedt voor een andere inrichting van het onderwijs. Eén die niet is gefocust op testen en toetsen, maar op het proces waarin ieder kind op basis van eigen interpretaties en reflecties leert. In haar voordracht verwijst Gunilla Dahlberg vaak naar haar persoonlijke ervaringen en ontwikkelingen, waardoor haar presentatie aanstekelijk is.
Vea Vecchi, atelierista in Reggio Emilia sinds de jaren zeventig en nu verantwoordelijk voor tentoonstellingen, publicaties en ateliers, spreekt over ‘het zichtbare luisteren’. In haar voordracht verheldert zij in woord en beeld wat zij verstaat onder pedagogische observatie en documentatie. Zij benadrukt de moeilijkheid en het grote belang van het dagelijks interpreteren op basis waarvan steeds de volgende interventies met de kinderen worden gekozen. Documenteren betekent in haar woorden de verantwoordelijkheid nemen om continu te interpreteren.
Op een openhartige, innemende wijze spreekt Vea Vecchi over de moeilijkheden, twijfels maar ook over de fascinaties en ontdekkingen die het documenteren me zich mee brengen. “… wij zijn al 40 jaar bezig met scholen in Reggio Emilia. Het is 40 jaar van zwaar werk. Eigenlijk moeten we altijd opnieuw weer de kwaliteit die we bereikt hebben verdedigen…”

Gunilla Dahlberg Vea Vecchi
Het middagprogramma staat in het teken van het Open Podium. Een open podium om elkaar te ontmoeten, elkaars werkwijze te leren kennen, uit te wisselen en contacten te leggen. In het atrium en de diverse ruimtes van Het Sieraad zijn 15 verschillende presentaties te zien van kinderopvanginstellingen, basisscholen, kunstinstellingen, kunstenaars en pabo’s afkomstig uit het hele land en twee presentaties uit het buitenland.
Deelnemers aan het Open Podium:
Stella Nova, Stockholm
Karin Bosch, Amsterdam, over haar ervaringen in Thailand
Basisschool het Gein, Amsterdam
Kindercentrum Kievitsnest, Wageningen
Advies Hulp & Actie, Hoorn
Nederlands Jeugd Instituut, VVE Programma Kaleidoscoop, Utrecht
Kindercentrum De Buitenkans, Heerenveen
Pabo Arnhem, HAN Arnhem
MAX Kinderopvang, Rotterdam
Hogeschool van Amsterdam, Amsterdam
Basisschool De Familieschool, Heerhugowaard
Kinderopvang Berend Botje, Enkhuizen
Hestia Kinderopvang, Amsterdam
Centrum Beeldende Kunst Rotterdam
Basisschool de Buut, Nijmegen
Iedereen presenteert zijn werkwijze en documentatiemateriaal en het gonst van de gesprekken tussen de deelnemers. Voor meer informatie over de inhoud van de verschillende presentaties verwijzen wij u naar het programmaboekje. toeval gezocht verzamelt dezedag alle wensen, ideeën, suggesties, opmerkingen en evaluatieve opmerkingen met het oog op de opbouw van een landelijk netwerk en scholing.

Opbouw Open Podium Open Podium


Nevelle Harper Open Podium
De rijk gevulde en inspirerende dag wordt afgesloten met een bijzonder concert van The Amsterdam Chamber Soloists. Zij spelen enkele Goldberg-variaties van J.S. Bach en een Boheemse Romanza van Ernst van Dohnanyi. Dit afsluitende concert vormt tevens de opmaat voor de conferentie De rare taal van geluiden over muziekeducatie voor jonge kinderen op 9 oktober 2009.
De musici van The Amsterdam Chamber Soloists
Foto's Rolf Resink
‘DE RARE TAAL VAN GELUIDEN’ Martin, 6 jaar
concert en muziekconferentie over muziekeducatie
op vrijdag 9 oktober 2009
in Bimhuis en Conservatorium van Amsterdam
48 kleuters van basisschool De Venser in Diemen en de Familieschool in Heerhugowaard met hun ouders en leerkrachten en 100 conferentiegangers zijn het publiek van het concert van Amsterdam Sinfonietta in het Bimhuis in Amsterdam. Nadat Lawrence Powel op de altviool het klarinetconcert van Mozart ten gehore heeft gebracht vindt de première plaats van Atlas, van Oene van Geel. Deze nieuwe compositie is in opdracht van Amsterdam Sinfonietta en toeval gezocht gemaakt en is geïnspireerd op het werken met de kinderen op school. In het derde deel zijn de 48 kinderen niet langer publiek maar spelen een rol als dirigent, muzikant en improvisator.

Mozart met Lawrence Powel Kinderen als dirigent

Muzikale gesprekjes Muzikale gesprekjes
Na de lunch wordt de bijeenkomst voortgezet in de vorm van een conferentie in het Conservatorium van Amsterdam onder leiding van dagvoorzitter Bertien Minco.
Annemieke Huisingh opent het middagprogramma met een korte toelichting op het muziekproject waarin de kinderen begeleid door zes musici van Amsterdam Sinfonietta onderzoeker waren van geluiden, improvisator, dirigent en componist. Ze speelden op hun eigengemaakte instrumenten, waren luisteraar en ze voerden muzikale gesprekjes. Daarin vertonen zij veel verwantschap met wat professionele musici doen. ‘Dit is een dag die ik nooit meer ga vergeten’ was de reactie van één van de kinderen tijdens de repetitie met Amsterdam Sinfonietta, de maandag voor het concert. De documentaire van Abel Splinter, die vervolgens voor een gedeelte wordt vertoond, geeft een rijk beeld van het werkproces met de kinderen door de musici van Amsterdam Sinfonietta op de Familieschool.
Mark Mieras, wetenschapsjournalist, gaat in zijn presentatie in op de muzikale ontwikkeling van jonge kinderen, bekeken vanuit resultaten van recent hersenonderzoek. Hij begint met het beroemd geworden Mozart-effect: Kinderen zouden intelligenter worden van het luisteren naar Mozart. Dit onderzoek is al vele malen onderuit gehaald of in een andere vorm uitgevoerd. Maar duidelijk is wel dat het met aandacht luisteren naar muziek iets met de hersenen doet. Een ander voorbeeld: Uit onderzoek met baby’s van drie maanden is gebleken dat zij een aangeboren ritmegevoel hebben. Op een ontbrekende puls in een ritme wordt door hen direct in hun hersenen gereageerd. Ook is uit onderzoek gebleken dat de eerste kreetjes en geluiden van kinderen al een taal zijn waarin kinderen communiceren. Het zijn de eerste oefeningen voor een gesproken taal die volwassenen ook kunnen verstaan, met alle daarbij behorende activiteiten van mond, strottenhoofd, adem etc.
Het is belangrijk dat kinderen goed en met aandacht luistere, zij zijn daar goed toe in staat en ze ervaren de muziek zeer lichamelijk. Ze beleven de schoonheid en ze zijn gemotiveerd om iets te doen. Dit alles stimuleert de hersenactiviteit en de ontwikkeling van de hersenen. Zelf muziek maken is heel belangrijk, maar ook het volgen van wat een ander doet maakt de hersenen actief. De hersenen zijn niet in te delen in afgebakende gebieden die los van elkaar functioneren. De verbindingen tussen de diverse hersengebieden worden vaak tijdens fysieke inspanning tot stand gebracht en verder versterkt. Kinderen voelen dit onbewust aan door te gaan rennen, springen, te bewegen en geluiden te maken.

Annemieke Huisingh, Mark Mieras en Bertien Minco Nancy Evans
Nancy Evans deelt een aantal van haar ervaringen met ‘creative music making with children’. Zij werkt veelal met jonge kinderen in kindercentra of op school. Kinderen kiezen een instrument heel bewust uit, ze ontdekken nieuwe geluiden en nieuwe wijzen van musiceren. Ze spelen verantwoordelijk en met empathie met elkaar. Ze transformeren, combineren en ontwikkelen muzikale ideeën. Ze reageren op veranderingen in de muziek door fysieke beweging of visuele verbeelding en ze weten direct of je hun spel op de juiste wijze naspeelt of dat je er een verandering in maakt. Ze kunnen hun ideeën vormgeven en uiten door muziek. Voor een jong kind is kunst leven en leven is kunst. Ze vloeien in elkaar over. Het spel van een kind kun je onmogelijk uit elkaar rafelen in verschillende kunstdisciplines. Maar zodra een kind naar school gaat worden kunst en leven uit elkaar gehaald. Muziek wordt een pakketje dat op een bepaalde dag gegeven wordt en op een andere dag volgt bijvoorbeeld het pakketje schilderen.
Nancy kiest ervoor slechts zelden haar eigen instrument – trompet – te gebruiken. Meestal gaat zij in op de materialen of instrumenten die de kinderen kiezen en volgt hen daarin en brengt variaties aan. Zij pleit ervoor dat de volwassen begeleider een creatieve muzikale omgeving aanbiedt, zeer goed observeert, zich open stelt voor de muziek die de kinderen maken en er op reageert. Het is belangrijk om te weten wanneer je moet reageren en wanneer je moet luisteren. Zij pleit ervoor een speels en reactief muzikaal speelmaatje voor de kinderen te zijn. De uitwisseling tussen de leerkracht en de musicus is zeer belangrijk. Beiden kunnen van elkaar leren. Neem de tijd om te reflecteren met elkaar, wees je bewust van elkaars verschillende perspectieven, respecteer elkaars verschillende vaardigheden en kennis en wees flexibel.
Tijdens de discussie komen de ervaringen van de musici van Amsterdam Sinfonietta en van de docent van de Familieschool aan bod. De behoefte aan een referentiekader wordt naar voren gebracht, een format waar docenten direct mee aan de slag kunnen. Ook vanuit de opleidingen (opleiding docent muziek) wordt er gereageerd: nemen musici niet de plaats van de vakdocent in? Vervolgens wordt er gesproken hoe de musici van de vakdocenten kunnen leren en hoe de vakdocenten van de musici kunnen leren De musici van Sinfonietta zouden bij voorkeur samenwerken met een vakdocent muziek. Belangrijk is om te beseffen dat er geen vast format gegeven kan worden. Elke klas, elke leerling, elke docent en elke musicus is anders. Daar moet je voor open staan, met elkaar reflecteren en uitwisselen van ideeën en expertise. Vanuit die openheid krijgen de kinderen de beste kansen hun eigen muzikale creatieve vermogens te ontwikkelen.


Discussie van het publiek met de musici van het project

Napraten
Foto's Rolf Resink
Klik hier voor het programma